Waarom dit voor installateurs vaker speelt dan voor andere ondernemers
Een installatiebedrijf dat groeit, groeit in stappen die geld kosten voordat ze geld opleveren. Een extra monteur heeft een bus nodig, gereedschap en voorraad. Die investering gaat vooruit op de omzet die hij gaat maken, en precies dat gat is waar veel bedrijven vastlopen.
Financial lease is een van de manieren om dat gat te overbruggen. Het is geen wondermiddel, maar in de juiste situatie is het een verstandig instrument.
Wat het in de kern is
Bij financial lease koop je het object economisch en word je er aan het eind ook juridisch eigenaar van, terwijl je het in termijnen betaalt. Het staat op je balans, je schrijft af en je kunt de investeringsaftrek benutten. Dat is een wezenlijk verschil met operational lease, waar je in feite huurt.
Voor een bedrijfsbus of een machine die je jaren gaat gebruiken, is die eigendomsroute meestal logischer dan huren.
Wanneer het verstandig is
- Als de investering direct capaciteit toevoegt. Een bus die een extra monteur op pad brengt, verdient zichzelf terug in facturabele uren. Dat is een ander verhaal dan een nieuwere auto voor dezelfde man.
- Als je werkkapitaal krap is maar je orderportefeuille vol. Dan is het zonde om liquide middelen vast te leggen in materieel terwijl je ze nodig hebt voor voorraad en voorfinanciering.
- Als de looptijd past bij de levensduur. Een looptijd die langer is dan het object meegaat, is altijd een slecht idee.
Wanneer je het beter niet doet
Als je de termijnen alleen kunt dragen bij optimale bezetting, is de constructie te krap. Reken door wat er gebeurt bij een kwartaal met dertig procent minder werk. Een verplichting die alleen in goede tijden houdbaar is, wordt in slechte tijden het probleem dat je bedrijf breekt.
Kijk ook verder dan het maandbedrag. Vergelijk de totale kosten inclusief rente, eventuele slottermijn en administratiekosten, en zet die af tegen wat een gewone lening je zou kosten. Het aantrekkelijkste maandbedrag is niet automatisch de goedkoopste financiering.
De vraag die je jezelf stelt
Financier je hiermee groei of financier je hiermee een tekort? In het eerste geval is het een instrument. In het tweede geval stel je een probleem uit en maak je het duurder.
